‘Dat was dus bij ons hotel.’
De dia-avond was begonnen. Wie op vakantie was geweest, had iets te vertellen. En wie op bezoek kwam, mocht meekijken. Soms met plezier, soms met enige berusting — vooral wanneer naast de projector nog drie volle magazijnen stonden.
Een foto waar het licht doorheen ging
Een dia was een klein, doorzichtig fotografisch beeld, meestal gevat in een vierkant raampje van karton of kunststof. Daarvoor fotografeerde je op diafilm. Na het ontwikkelen had je een positief beeld: de kleuren en lichte en donkere partijen waren direct herkenbaar als je het tegen het licht hield. Bij een negatief moest er eerst een afdruk worden gemaakt om de foto op de gebruikelijke manier te bekijken.
De projector stuurde licht door de dia en vergrootte het beeld via een lens op het scherm. Een berglandschap dat tussen duim en wijsvinger paste, vulde ineens een flink deel van de huiskamer. Een goed belichte dia kon prachtige kleuren laten zien. Het blauw van de lucht, de rode parasols op het strand en de besneeuwde bergtoppen kregen iets feestelijks.
Voor wie graag fotografeerde, was dat een belangrijke aantrekkingskracht. Je liet je foto's op groot formaat zien, aan iedereen tegelijk.
De huiskamer werd een kleine bioscoop
Daar ging wel wat werk aan vooraf. Het projectiescherm moest uit zijn hoes. Bij een scherm op statief werden de poten uitgeklapt en het doek omhooggetrokken. Wie geen scherm had, kon een geschikte witte muur gebruiken. De projector moest op de juiste afstand staan en een stopcontact was lang niet altijd binnen handbereik.
Dan volgde het proefbeeld. Stond het hotel scheef? Was de bovenkant van het beeld breder dan de onderkant? Kon die schemerlamp uit? En wilde iemand even controleren of het gordijn helemaal dicht zat?
Als alles goed stond, veranderde de kamer. De meubels verdwenen naar de achtergrond. Je hoorde de ventilator van de projector en zag soms stofdeeltjes door de lichtbundel zweven. Wie opstond om koffie te pakken, liep het risico een enorme schaduw over het strand van Benidorm te werpen.
Klik. De volgende, graag
Hoe de volgende dia verscheen, hing af van het apparaat. Bij eenvoudige projectoren schoof je de beelden met de hand in positie. Andere modellen voerden de dia's aan vanuit een recht magazijn of een ronde carrousel. Kodak bracht zijn eerste Carousel-projector in 1961 uit, met een rond magazijn voor de dia's.
Met een afstandsbediening kon de verteller blijven zitten. Klik: de camping. Klik: de kinderen in het zwembad. Klik: dezelfde kinderen, nu bij het zwembad. Nog een klik: het zwembad zonder kinderen.
De bediening gaf ook macht over het tempo. Bij de ene foto kwam een heel verhaal. Een andere verdween voordat iedereen had begrepen wat erop stond.
‘Wacht, ga eens terug. Wie staat daar naast tante Riet?’
Dan moest de vorige dia opnieuw verschijnen en begon het overleg. Over de naam van die buurman, over het jaar van de vakantie of over wie er die middag zo'n vreselijke hoofdpijn had gehad.
De vakantie van de gastheer
Vakanties waren een dankbaar onderwerp. De tent, het uitzicht vanaf het balkon, de markt in het dorp: thuis kregen ze een tweede leven. De fotograaf leverde het commentaar dat op de beelden zelf ontbrak.
‘Hier waren we dus verkeerd gereden.’
‘Dat lijkt mooi weer, maar een uur later kwam het met bakken uit de lucht.’
‘Die meneer wilde maar niet uit beeld.’
Voor de reizigers zat achter iedere foto een herinnering. Voor de bezoekers was de samenhang niet altijd even duidelijk. Een serie bergpassen kon indrukwekkend beginnen en na een tijdje toch vooral uit nog meer bergpassen bestaan.
Daar kwam de wat bedenkelijke reputatie van de dia-avond vandaan. De uitnodiging ‘komen jullie onze vakantiedia's bekijken?’ beloofde gezelligheid, maar liet de duur van het programma open. En als de gastheer zei dat hij alleen de mooiste had uitgezocht, keek je toch even hoeveel dozen er nog klaarstonden.
Ondersteboven en onscherp
De apparatuur zorgde voor haar eigen onderbrekingen. Een dia zat verkeerd in het magazijn en ineens hing het hele gezin ondersteboven. Of een afbeelding stond gespiegeld, wat pas opviel doordat de letters op een winkelpui niet klopten.
Soms bleef een dia steken. De projector klikte, maar het beeld veranderde niet. Dan ging een lamp aan en boog de eigenaar zich over het apparaat, terwijl de visite zich weer even met de koekjes bezighield.
Ook de foto's zelf konden tegenvallen. Een bewogen opname werd op het grote scherm nog veel onscherper. Een donkere foto leverde discussie op over wat er eigenlijk te zien was. En een haar of stofje op de dia kreeg afmetingen die de aandacht behoorlijk konden afleiden.
Juist zulke momenten bleven hangen. Een omgekeerde oom kon meer gelach opleveren dan een zorgvuldig gefotografeerde zonsondergang.

Dozen vol familiegeschiedenis
Na afloop gingen de dia's terug in hun doos of magazijn. Op een etiket stond bijvoorbeeld ‘Oostenrijk 1974’ of ‘Zomer + verjaardag’. Op sommige raampjes schreef iemand een datum, plaatsnaam of volgnummer. Dat hielp wanneer de serie later opnieuw werd vertoond.
Want tussen de vakantielandschappen zat ook het gewone leven. Een kind op een nieuwe fiets. Een verjaardag in de tuin. Een auto voor de deur. Bij het terugkijken trok soms juist de achtergrond de aandacht: het behang, de stoelen, het verdwenen winkeltje op de hoek.
Wat destijds bijzaak was, werd met het verstrijken van de jaren interessant. De mensen op de foto waren ouder geworden of leefden niet meer. De huiskamer was verbouwd. Niemand wist nog precies waar dat kleine hotel stond.
Nog één magazijn
Met digitale fotografie werd het eenvoudiger om foto's te bekijken en te delen. Er hoefde geen film te worden ontwikkeld en een televisie of computer kon de beelden tonen. De projector verdween in veel huishoudens naar een kast of zolder. Diafotografie bestaat overigens nog steeds; diafilm wordt nog gemaakt, en oude collecties kunnen worden gescand.
Ook vandaag kun je samen vakantiefoto's bekijken. Maar bij een dia-avond hoorde een hele voorbereiding. Iemand had de beelden gerangschikt, de apparatuur opgesteld en de kamer verduisterd. Je ging er echt voor zitten.
En na de laatste foto was er dat korte moment waarop het scherm weer wit werd. De lamp ging aan. Iedereen kneep even met de ogen. De huiskamer kwam terug.
‘Nou,’ zei iemand, ‘jullie hebben het wel mooi gehad.’
Waarop de gastheer onder de tafel keek.
‘Ik heb ook nog een magazijn van de terugreis.’
